Voer het resultaat in, maar gebruik de rekenmachine niet: 8 – 4 – 1 × 3

Voer het resultaat in, maar gebruik de rekenmachine niet: 8 – 4 – 1 × 3

Soms lijkt een rekensom op het eerste gezicht heel eenvoudig. Je ziet een paar getallen, enkele mintekens en één vermenigvuldiging, en je denkt meteen dat je het antwoord al weet. Toch maken veel mensen juist bij zulke korte sommen fouten. Niet omdat de som moeilijk is, maar omdat ze te snel rekenen en de volgorde van bewerkingen vergeten.

De opgave is:

8 – 4 – 1 × 3

De vraag klinkt simpel: voer het resultaat in, maar gebruik geen rekenmachine. Dit soort puzzels wordt vaak gedeeld om te testen hoe goed iemand de basisregels van rekenen nog kent. Het gaat niet om snelheid, maar om nauwkeurigheid.

Waarom veel mensen hier de fout ingaan

Veel mensen beginnen gewoon van links naar rechts te rekenen:

8 – 4 = 4
4 – 1 = 3
3 × 3 = 9

Maar dat is fout.

De fout zit in het feit dat de vermenigvuldiging niet zomaar als laatste mag worden gedaan. In de wiskunde bestaat er een vaste volgorde voor bewerkingen. Vermenigvuldigen gaat vóór optellen en aftrekken. Dat betekent dat je eerst 1 × 3 moet uitrekenen voordat je verdergaat met de aftrekkingen.

De juiste volgorde van rekenen

De som is:

8 – 4 – 1 × 3

Eerst doe je de vermenigvuldiging:

1 × 3 = 3

Daarna wordt de som:

8 – 4 – 3

Nu reken je van links naar rechts:

8 – 4 = 4
4 – 3 = 1

Het juiste antwoord is dus:

Antwoord: 1